$ TEXT_EXPL_XML
SIet Cornucopia met heuren vollen Horen
Ontluiken, t'wylen Mars al schuimende van toren
Met zijn Bellona ligt getreden met de voet:
Gekneust is zijnen schilt, en zijnen stalen hoet
Zijn yzer is verstompt, en zijne spiets gebroken:
Zoo dapper heeft de Vre zich over hem gewroken.
Duurt lange, zoete Vre! dat eeuwig voor dy buig
De dulle God des krijgs, met al zijn wapen-tuig:
Verstrikt zijn moort-trompet: en laat zijn Vendels rotten
Scheurt zijn banieren af, en werptze voor de motten:
Zijn moedige Tropheen verniele met'er vaart;
Maakt van zijn spiets een zeins, een kouter van zijn swaard,
Op dat den Akker-man weer, met een goet genoegen,
Mag onzes Moeders rug doorvoren, en doorploegen,
En Cores wederom toewyden met genucht
Het eerste veld-gewas, en Boom-, en Wijngaerts-vrucht.