$ TEXT_EXPL_XML

PErillus, de scherpzinnige Werk-meester, had, om den Tyran Phalaridi te beha- gen, een nieuwe maniere van straffen bedacht: want hy maekte een Stier die hy met een deur kon opsluiten, daer in de misdadige, dan met een schrikkelik geluit eens brullende Stiers, ellendig zijn leven liet: Voor zijn gifte en belooninge, zeide de Tyran, most hy eerst zelve bezoeken of het geluit ook goed zou zijn, liet hem over zulcx levendig daer in steken, en met vyer verbranden. Hier mede worden wy vermaent gee raedslagen, tot ons even-naestens schade en plage te bedenken: want den steen valt gemeenlik den werper op 't hooft, of die den put voor andere graeft, valt daer zelver in, gelijk wy door een aedige Griekxsche Fabel worden gewaer- schout. Want de Leeuw, krank wezende, worde van alle Dieren bezocht, behal- ven van het Vosken: De Wolf (des Voskens vyandt) blies den Koning alles quaets van hem in, als hebbende ten hoogsten Crimen begaen: het Vosken op 't mat ko- mende, hoorde juyst deze woorden. De Leeuw 't Vosken ziende, worde zeer toor- nig: en hy verzoekende oorlof om te spreken, zey: Genadighste Koning, wie van allen hier tegenwoordig is uwe Majesteyt zoo vorderlik geweest als ik? want ik heb vast het land omgeloopen, en over al gevraegt op dat ik raed tot uw ziekte mocht vinden: De Leeuw begeerig om zijn genezinge te vernemen, zey, dat hy den raed an hem zou openbaren; doen zey de Vos: Heer Koning! ghy moet den Wolf het wel levendig af-stroopen, en daer mee uw oude borst bekleeden, dat zal u volko- men genezen. De Leeuw 't Vosken geloovende, heeft den Wolf gedood. Doen lach- te het looze Vosken, zeggende: zoo most het gaen, op dat de quade raedslagen op des Raed-gevers kop mochten vallen.

;

PErillu, die volmaakt, en op het aller blootste Den gieter Miron zelf, in zijne konst, na bootste, Goot eene koop'ren Stier, die hy, tot roem en pronk Phalaris den Tyran, met veel eerbieding, schonk, Op hoop van geld en gonst te winnen van den Koning; Maar als hy in het Hof verscheen, om zijn beloning t'Ontfangen, voer de Vorst dus uit: Wel kloeke geest, Wat wonders kan men doen met dit gehoorent beest? Heer Koning, antwoord hy, de Stier heeft in zijn zyde Een vierkant venster, daar men, tot een meerder lyde, De booze in warpen zal, naar hun verdienste en straf. Wanneer de quade nu, in dit metaale graf, Met hitte wert gepijnt, dan zal hy 't beest doen brullen, En met een luid geloey de ruime lucht vervullen. Wel an, sprak den Tyran, 't is best ghy 't eerst bezoekt. Men greep hem by den kop, hy heeft zijn konst vervloekt. Maar 't klagen was vergeefs, 't recht moest'et end doorgron- den. De doode Stier heeft hem al levende verslonden. ,, Debk dan, konstenaars, dat God geen konst verschoont; ,, Maar dat hier ieder Mensch, word na zijn werk, geloont.

URL_WEBPAGE http://www.dbnl.org/tekst/vond001dewe01_01/vond001dewe01_01_0049.htm PARENT embstma_10911 HIM MNE ; GUL ; EMBLEMS ; ILL_BOOK URL_IMAGE embstma_10911_pic058.jpg TIPE emblempictura NEXT embstma_10911_emblem028 SEQ 27 IIHIM MNE ; GUL ; EMBLEMS ; ILL_BOOK CAPTION_EN The death of Perillus: he is thrown into a heated bronze bull by order of Phalaris SOURCE_FILE embstma10911.xml MOTTO_NL_NORM Merckt hoe rechtveerdigh dat Perillus raeckt ter doodt In zynen kop'ren Stier, die hy voor and'ren goot LINK_FACSIMILE embstma_10911_fac058 TYPE emblem pictura IC 25I144 ; 31A2518 ; 31A25231(+917) ; 41B1 ; 44B191 ; 44B192 ; 46C121 ; 52E3 ; 58AA12 ; 86(MERCKT HOE RECHTVEERDIGH DAT PERILLUS RAECKT TER DOODT IN ZYNEN KOP'REN STIER, DIE HY VOOR AND'REN GOOT) ; 98B(PERILLUS)68 PREV embstma_10911_emblem026 MOTTO_NL

Merkt hoe rechtvaardigh dat Perillus raakt ter doodt In zijnen kop'ren Stier, die hy voor and'ren goot.

ID embstma_10911_emblem027 CHILDREN CHILDREN_SQRT 0