$ TEXT_EXPL_XML

Hier scheerter een het schaep, een ander scheert het vercken; Ey laet ons, met gemack, hier op een weynigh mercken: My dunckt (naer ick het vat) dat hier wat omme-gaet, Daer op in aller ernst by ons te letten staet. De man, die aan het swijn sijn voordeel meynt te vinden Die gaet hem, soo ghy siet, veel moeyten onder-winden, Hy denckt (gelijck het schijnt) dit is het vetste beest, Hier is het dickste speck, hier is de reusel meest. Maer dit onstuymigh dier is qualijck om bestieren, Het vult de gantsche lucht met schreeuwen ende tieren, Het schopt, en slaet, en woelt, en worstelt metten man; Soo dat hy van het werk geen meester worden kan: Nu, op dit luyd' geschreeu, soo wert een yder gaende, Een yder loopter toe, een yder blijfter staende, En siet den handel aen, en, soo die voordeel gaf, Gewis men sach den man het gantsche voordeel af; Maer nu sijn gants bedrijf is moeyte, sonder baten, Soo wortet al-te-mael voor hem alleen gelaten: In plaetse van gewin, soo wert de man bespot, Dat is voor desen tijt sijn ongeluckich lot. En siet! naer dit gewoel, naer dit verdrietich scheeren, Soo krijgt de goede vrient noch wol, noch sachte veeren, Maer niet als enckel hayr, en borstels van het swijn, Dit is de gantsche loon van al de lange pijn. Maer let eens op den vreint die 't schaepje heeft gekoren, Op dat sijn ruyge vacht door hem mocht zijn geschoren; Het dier en worstelt niet, maer ligt geduerich stil, Dies treft hy mette schaer alwaer hy maer en wil; Men hoorter geen geschreeu, soo datter van bezijden Hem niemant van het volck de winst en can benijden; 't Is sacht al wat hy raeckt, en niet als enckel wol, Dies krijgt hy hand', en schoot, ja gantsche manden vol. Wat isser menich mensch die sijn geheele leeden In eenich swaer bedrijf, met onlust, gaet besteden! En, als hy langen tijt ten suersten heeft gesweet, Soo vint hy anders niet als enckel herten-leet. Een ander onder dies heeft yet ter hant genomen, En is daer, met gemack, tot sijnen wensch gekomen: Soo veel is goet beleyt, wanneer men yet bestaet, Soo veel is goet beleyt, soo veel is wijs beraet. Wel aen dan, sooje wilt u scheeren wel besteden, Soo kiest doch eenich beest dat wol heeft op de leden; Want als ghy daer in feylt, of in de keuse mist, Soo isset al bekaeyt, en achter 't net gevist. Doch onder dit beslach verneemt men vreemde saken, Die wy, met ons verstant, niet recht en konnen raken; Dat geenen heeft verrijckt, heeft desen uyt-geput; Dat elck is even nae, is elck niet even nut.

SEQ 79 PARENT embstma_1288 IIHIM GUL ; MNE ; EMBLEMS ; ILL_BOOK HIM GUL ; MNE ; EMBLEMS ; ILL_BOOK URL_IMAGE embstma_1288_pic357.jpg MOTTO_IT_NORM Assai rumori, é poca lana TIPE emblempictura NEXT embstma_1288_emblem080 MOTTO_IT Assay rumori, é poca lana CAPTION_EN One man is shearing a sheep while another man tries to shear a screaming pig SOURCE_FILE embstma_1288.xml LINK_FACSIMILE embstma_1288_fac357 TYPE emblem pictura IC 22D12 ; 25I244 ; 31D14 ; 33A35 ; 41A336 ; 41A7211 ; 41A775 ; 41A7751 ; 41D221(HAT) ; 46B471 ; 46B472 ; 47I224 ; 47I224(+0):47I212(+949) ; 54BB3 ; 55A12 ; 51AA4:55A12 ; 86(ASSAY RUMORI, É POCA LANA) PREV embstma_1288_emblem078 MOTTO_NL

Assay rumori, é poca lana

ID embstma_1288_emblem079 CHILDREN CHILDREN_SQRT 0