$ TEXT_EXPL_XML
Siet waer ick heden stae, daer speelden eens de baren,
Daer quamen alle daegh de schepen in-gevaren,
Daer sachmen menigh Hulck, die met sijn vollen last,
Quam stuyven uytter zee, de vlaggen opte mast:
Nu is hier enckel sant, en niet als dorre platen,
Van slibber over-groeyt, en van den vloet verlaten,
Daer eertijts was de kolck, is maer een enge sloot,
Men sieter niet een schip, men sieter niet een boot,
Die scholen hier ontrent, om daer te sitten schreeuwen,
Alleen een schippers gast koomt voor een buyte-kans
Hier boomen inder haest, en haelt een schuyte sants.
Wat stae ick dan en kijck aen dees verlaete kreken?
De bakens al-te-mael die dienen hier versteken;
Het is een schippers woort, het is een oude leer,
Al waer geen vaert en is, en hoeft geen baken meer.
Dit spreeck-woort kan verscheyde gelegentheden toe werden gepast;
(gelijck meest al de andere) het selve kan dienen als yemant ouder van
jaren werdende sijn maniere van leven, sijn kleet, sijn spijse, sijn
...
Als 't diep verloopt versetmen de bakens
ID embstma_1288_emblem080 CHILDREN CHILDREN_SQRT 0