TEXT_EXPL_XML

<p>2. Een Fransman ende een Neederlander in<lb/> den Koningrijke der Aapen.<lb/> Een Fransman ende een Neederlander Reisbroeders ge-<lb/> worden zijnde, om vreemde Landen te besien, qua-<lb/> men eindelik in eenen gants onbekenden Lande der Aapen,<lb/> dat noit by eenige vermaarde Weereld-beschrijvers op hare<lb/> Kaarten was aangeweesen, alwaar sy van den Grootsten Aape<lb/> ontbooden wierden, alsoo hy uit eene grote verwaandheid<lb/> desen Vreemdelingen sijne Pragt ende Majesteit wilde doen<lb/> sien: weshalven hy haar ook op een Balet in den Hove seer<lb/> heerlik dede onthalen. Daar na liet hy haar met sijne Raden<lb/> <pb n="embstma_add132_fac034"/> ende andere voornaamsten Hofstoet op der Jagt rijden, daar<lb/> sy de Paarden, Jagthonden, Vogels ende andere Jaag-ge-<lb/> reedschap, by elkander saagen; maar na het vangen van<lb/> Wildbraad, ging het op een brassen, suipen, hoereeren, tuis-<lb/> sen ende speelen, met veele vermengingen van vloekken,<lb/> sweeren, ende ontugtige woorden: sulks deser Vreem-<lb/> delingen, die soodanig leven in sijnen lande gewoon was te<lb/> sien, haast vermerkte hy kort daar aan, dat in alle die oo-<lb/> verdaadigheeden, de Grootste der Aapen eevenwel, als de<lb/> Meester van alle, nog uitstak, ofte van alle andere, hoewel<lb/> met onwaarheid, gesegt wierd uit te steeken.<lb/> Waarop eindelik volgde, dat dese Groote Aap haar tot<lb/> sig genomen hebbende, eerst den Fransman toesprak, hem<lb/> vragende, hoe hem sijne Hofhouding,Staat, ende Pragt be-<lb/> haagde? Welke Fransman als seer haast de onverstandige<lb/> laatdunkenheid deses Aaps gemerkt hebbende, en bequaam<lb/> zijnde, sig daar naar seer aardig te vougen; hem antwoorde,<lb/> met verwonderinge sijne groote wijsheid, welsprekentheid,<lb/> en beleid, als ook bequaamheid ten oorlogen, voornamelik<lb/> in hem; ende ook eenigsins uitsteekende in sijne Raden, ge-<lb/> hoord en gesien te hebben. Dat de kleeding pragtig, het op-<lb/> dissen der tafele en anderen toestel sonder weegaa was: dat<lb/> hy noit diergelijke Paarden, Jagtvogels, nog Honden had<lb/> gesien, waar by alsoo nog quam dat heerlik vrouweeren,<lb/> danssen ende speelen, soo hadde dit alles hem seekerlik doen<lb/> gelooven, dat hy in een aards Paradijs gekomen, ende hy<lb/> nu dieshalven gesind was te bidden, dat hy hier als des Ko-<lb/> nings geringste Dienaar mogt werden aangenoomen.<lb/> Dit alles beviel den Grooten Aape soo wel, 't was soo naar<lb/> sijne mond, dat hy den Fransman tot sijnen Secreten Raad<lb/> <pb n="embstma_add132_fac035"/> verkoos, ende hem met een rijkelik pensioen jaareliks deede<lb/> versorgen. De Grooten Aap vroeg daar naa den Needer-lan-<lb/> der op gelijker wijse: welke, alsoo hy in sijnen lande van ouds<lb/> diergelijke wijse van leeven altijds hadde hooren misprij-<lb/> sen, ende selfs ook aldaar gewoon was geweest by alle<lb/> voorvallen met woorden te veragten, sonder geleerd te<lb/> hebben, dat als men by ongeluk in den lande der Aapen<lb/> vervald, dat men als dan den Grootsten Aap allesins prijsen,<lb/> vleyen, ende involgen, als meede seggen moet, Aap, wat<lb/> hebt gy schooner Jongen. Derhalven meende deese Needer-<lb/> lander veel meer eere te sullen in leggen met de ronde waar-<lb/> heid te seggen, als de Fransman met sijne aardige leugens<lb/> had gedaan; waarom hy den Aape antwoorde, in den<lb/> gantsen Hove geen enkel sweemsel van goeder Regee-<lb/> ringe gesien te hebben; maar niet als sotte pragt ende<lb/> praal, suipen, brassen, hoereeren, ende alle andere<lb/> vuiligheid, sulks hy wel bevond dat een Aap niet anders<lb/> als een Aap, ende alles wat hy bedreef maar Aapery,<lb/> ende gants niet by het doen van reedelike Menschen te <lb/> vergelijken, was. Welke waarheid, die men daar ten<lb/> Hove noit gehoord had, soo aanstootelik was aan den<lb/> Grooten Aape ende sijnen Raaden, dat sy deesen Needer-<lb/> lander, die een hark een hark noemde, als een Land-ver-<lb/> rader uit schoffelden ende om hals bragten. Waar naa<lb/> de Fransman, om aldaar in de weelde te mogen blijven,<lb/> ende bu alle de Aapen in groot aansien te weesen, sig<lb/> niet ontsag sijnen goeden Reisbroeder te bekladden, en-<lb/> de te seggen, oover den Needer-lander, door den Koo-<lb/> ninge ende sijne Raaden, seer reedelik, eerlik ende wel<lb/> te zijn gevonnist ende hy ook by gevolge wel gedood was.<lb/> </p>

<p>Uitlegging der Woorden.<lb/> Met Apen, die onder de beesten den Menschen meest gelijken, ende de-<lb/> selven ook in haare werken naarbootsen, werden verstaan de gemeene<lb/> Menschen, welke wel eene menschelijke gedaante, ende bequaamheid<lb/> hebben, om, als waaragtige Menschen, van aller anderer Menschen wer-<lb/> ken, hoe groot die ook zijn, een goed ofte waaragtig oordeel te konnen<lb/> vellen, indien sy de moeiten wilden nemen, om die wel te overwee-<lb/> gen, maar die des niet te min, om dien arbeid te ontgaan, geduurig op<lb/> andere Groote Menschen sien, om deselven, sonder eenig verder on-<lb/> dersoek, oover hare werken te prijsen, ende, soomen segt, naar te Aapen.<lb/> Met de GROOTSTE AAPEN, verstaan wy Koningen ende Vorsten doen<lb/> ende laten, voor ietwes Goddeliks, Heiligs ende Heilsaams aanneemen.<lb/> Met den FRANSMAN, verstaan wy hier alle Menschen, die onder Ko-<lb/> ningen ende Vorsten gebooren, ende gewoon zijn te leven; Gelijk meede<lb/> alle die Menschen, welke soo vaardig van begrip ende lighaamelike bewee-<lb/> gingen zijn, dat sy sig seer aardig naar der Koningen ende Vorsten genee-<lb/> gendheeden weeten te vougen, ende daar door der selver gunsten te winnen.<lb/> Met eenen NEEDER-LANDER, verstaan wy hier Menschen in Vryc<lb/> Landen gebooren, ende aldaar ook opgevoed, die traag van begrip ende be-<lb/> weegingen zijn, ende derhalven by haare oude gwoonten van leeven ende<lb/> spreeken willende blijven; schoon sy onder Koningen ende Vorsten zijn gaan<lb/> woonen: ofte dat sy in haaren Lande blijvende, aldaar geene sorge gedra-<lb/> gen hebben, om die haare Vryheid ongeschonden te bewaaren; sulks sy<lb/> daar oover alsdan gemeenleik in seer groote ongemakken vervallen.<lb/> Welke stellingen ons aldus wijders doen spreeken. Menschen die<lb/> ten deele door een goed gestel van lighaame ende herssenen,<lb/> als ook door eene goede volgende opvoedinge, ommegange met<lb/> Menschen, eigen reeden-kaavelinge, ende ondervindinge, soo<lb/> verre gekoomen zijn, dat sy sig selfs goede Regulen om wel te oor-<lb/> deelen ende te leeven voorgeschreeven, als ook volgens de selve<lb/> eenigen tijd geleefd hebben, vinden sig desweegen in haar ge-<lb/> moed soo gerust gesteld, dat sy gemeenelik seer geneegen zijn,<lb/> oopen-hartig te leeven, als ook aan ende van andere Menschen<lb/> <pb n="embstma_add132_fac037"/> veeden van haar doen ende laaten te geven, ende te hooren, sonder<lb/> die Menschen door eenige Autoriteit ofte Magt te dwingen, ofte van<lb/> deselve tot eene andere wijse van leeven gedwongen te willen<lb/> werden. Dit zijn die allesins Eedele Sielen, welke in Republijken naar<lb/> Reeden ende Wetten hunnes Vry Vaderlands leevende, ten hoogsten<lb/> gelukkig ende Wetten hunnes Vry Vaderlands leevende, ten hoogsten<lb/> gelukkig ende prijswaardig zijn, ende die daar en teegen naar de<lb/> ongestaadige ofte boose lusten eenes Heeren, sig swaarelik vougen kon-<lb/> nende, ende nog min willende, onder Eenhoofdige Regeeringen seer<lb/> beswaarelik geleeden werden, om dat aldaar het onreedelik Want<lb/> het ons alsoo geliest, boven alle reeden gesteld werd, van eenen Heere<lb/> die allesins sijne lusten, ende seer selden goede reedenen volgende,<lb/> des niet te min van alle de Onderdaanen seer wijs ende deugdsaam<lb/> te zijn, vermaard werd.<lb/> By welke Onderdaanen der Eenhoofdige Regeeringe, nogtans<lb/> dit onderscheid aan te merken is, dat de meeste onweetende ende trage<lb/> Menschen, als van nature slaven zijnde, meest altijds gelooven, waarelik<lb/> soo een loffelik Heer, als de maare is, te hebben; terwijle andere,<lb/> het zy oude Ingeseetenen, het zy Vreemdelingen, die vaardig van<lb/> begrip ende uitwerkingen zijn, seer haast ook de gebreeken des Ko-<lb/> nings ofte des Vorsten merken, ende geleerd hebben, wat hy aller-<lb/> meest haat of bemind. Sulksvermits deese schrandere vlugge Men-<lb/> schen, sig geenen vasten Reegel van leeven voorschrijvende, be-<lb/> merken, dat sy, met allesins den Koninge in te volgen, des selven<lb/> gunste verkrijgen, ende sig daardoor booven haar meede-On-<lb/> derdaanen verheffen sullen konnen, alle hare groote bequaamhee-<lb/> den, die sy hebben, om wat vaardigs uit te vinden, te veinsen,<lb/> te vleyen, te liegen ende te bedriegen, gebruiken; om dat haar<lb/> oogwit te bereiken. Waar door sy ook by na in aller Koningen ende<lb/> Vorsten van Europa Hoven soo verre zijn ingedrongen, dat veele an-<lb/> dere grovere ende tot dat Hoofs-leeven onbequame volkeren, soo<lb/> dwaas werden, dat sy van haare oude, ende op seer goede gronden<lb/> geboude wijse van leeven afgaan, om die regt aardige Aapen, seer on-<lb/> aardiglik naar te Aapen; niet denken dat by Koningen ende Vorsten<lb/> de caracter van een Fransman ende geen ander in waarde kan zijn.<lb/> Maar in Landen daar de Ingeseetenen van ouds gewoon zijn, de<lb/> Vryheid, om naar de Reeden ende heilsame Wetten der Republike gerust<lb/> te mogen leeven, soo hoog te hooren schatten; dat sy om die on-<lb/> <pb n="embstma_add132_fac038"/> waardeerelijke schat te verkrijgen, ende te behouden, gewillig<lb/> lijf ende goed in der waagschaale behoorden te stellen, teegen<lb/> allen die deselve verminderen ofte beneemen souden willen, soo ge-<lb/> beurt nogtans in die Landen somtijds, dat men aldaar geene goede<lb/> ordren ende wetten gemaakt heeft, om die schat seekerlik te bewaa-<lb/> ren, ende dat alsdan een der Grootste Ingeseetenen, onder den mantel<lb/> van Beschermer der Vryheid speelende, soo eenen grooten aanhang<lb/> maakt, dat hy oover die onnoosele Ingeseetenen eene Koninglij-<lb/> ke magt bekomt, terwijle de onweetensten ende driftigsten van<lb/> dien, niet bemerkende dat haare Vrye Regeering soo seer vermin-<lb/> derd is, daarom haare voor deesen loflijke oude wijse van lee-<lb/> ven ende spreeken behouden willen, ende sig daar door ten Ho-<lb/> ve gehaat maaken, ende in veele ongemakken vervallen.<lb/> Dit is van oover duisend jaaren geweest het Caracter van eenen<lb/> Grooven Neederlander, sig door streelen ende lievelike woorden ee-<lb/> nene strop om den halse te laaten werpen, ende te gelooven, dat hy<lb/> daar meede, als schijnende eene seer kostelike goude Keeten te zijn,<lb/> te sijner eere sal mogen pronken: tot dat hy in teegendeel bevind,<lb/> dat sy hem de keele begind te benaawen, als wanneer hy om niet<lb/> te worgen ende eene schandelijke dood te sterven, seer onverwag-<lb/> te ende ongeloovelik groote kraften teegen dien Stroppe klouk-<lb/> moediglik ten werke steld; Namelik, op dat wy rond Hollands<lb/> spreeken, geene goede ordre ter bewaardinge der gemeene Vryheid<lb/> te stellen, ende die by naast in het geheel verlooren hebbende,<lb/> soo wil nogtans een Needer-lander, om niet slaafs te dienen, alle<lb/> ongemakken van der weereld gewillig op sig neemen.<lb/> Wat nu de eigenlike sin onder FABULE zy, meenen wy<lb/> genougsaam in der Uitlegginge der Woorden te hebben gesegt,<lb/> ende dat het dien volgende ondienstig is, hier op den einde daar<lb/> meer van te seggen, dan dit alleen, dat die als een Vry, ende regt-<lb/> schhaapen Mensch, wil spreeken, sig seer sorgvuldiglik wagten moet,<lb/> van in den lande der Aapen te reisen, ende nog veel meer, van in<lb/> sijnen eigen Vryen Vaaderlande een Koningrijke der Aapen te stiften.<lb/> </p>

SEQ

4

PARENT

embstma_add132

HIM

FABLES

GUL

MNE

EMBLEMS

ILL_BOOK

URL_IMAGE

embstma_add132_pic033.jpg

TIPE

emblempictura

NEXT

embstma_add132_emblem003

IIHIM

FABLES

GUL

MNE

EMBLEMS

ILL_BOOK

CAPTION_EN

A Dutchman is kicked out of the kingdom of the apes, while a Frenchman is appointed secret counsellor of the king of the apes

SOURCE_FILE

embstma_add132.xml

MOTTO_NL_NORM

Steek uw vinger in de aarde, en riek in wat land gij woont

LINK_FACSIMILE

embstma_add132_fac033

MOTTO_LA

<p>Asinus ad Lyram</p>

TYPE

emblem pictura

IC

29A

31A27112

32B311(DUTCHMEN):57A611

32B311(FRENCHMEN):57AA611

33B32

33B9

44B01:25F22

44B4

52AA55

85(A FRENCHMAN AND A DUTCHMAN AT THE COURT OF THE KING OF THE APES)

86(ASINUS AD LYRAM)

86(STEEK UW VINGER IN DE AARDE, EN RIEK IN WAT LAND GIJ WOONT)

PREV

embstma_add132_emblem001

MOTTO_NL

<p>Steek uw Vinger in der aarde, ende riek<lb/> in wat lande gy woond.</p>

ID

embstma_add132_emblem002

MOTTO_LA_NORM

Asinus ad lyram