$ TEXT_EXPL_XML
3. De Swaluwen ende de andere singende Vogelen.
De Swaluwen, geselschap gemaakt hebbende met de
onnoosele singende Vogelkens, ende weetende sig naar
den eis der saaken ende tijden te vougen, door haare konst
van hoog ende laag, als meedejaarliks snel van de eene in
de andere wereld te vliegen, ende middelerwijle op het
doen der menschen wel te letten, hadden ook veele der
selven konsten geleerd, ende onder anderen, hoe sy van
Hennop ofte Vlas netten wisten te maaken, ende daar
meede de singende Vogelkens gewoon waren te vangen;
Sulks wanneer sy t haarer aankomste in de Lente saagen dat
de menschen aldaar Linsaat ende Kennip saaiden, sy sig ook
verpligt vonden, opgemelde Vogelkens te raaden, aenstonds
op die besaide akkers te vliegen, ende alle het saad op te
bevrijden, ende te gelijk oovervloedig voeden, souden kon-
nen: Maar deese altijds eeven laag, in den selve lande vlie-
gende, ende derhalven onkondige Vogelkens, door laatdun-
kendheid vervoerd werdende, ende nijdig zijnde, naamen
qualik dat deese Niewelingen meenden meer als sy te we-
ten, wat haar dienstig ofte ondienstig was: waarom sy haar
bespotteden ende uitslagten.
Het welk de Swaluwen verdrougen ende efter by den Vo-
gelkens bleeven; op hope, dat het Kennip-saad, als somstijds
by een quaad jaar gebeurd, in der aarde soude rotten; Maar
daar na sienden, dat het seer meenigvuldig op quam, oor-
deelden sy verpligt te zijn, de Vogelkens dus aan te spreken:
,,Goede Gesellen, het eerste middel om met kleinen arbeid
,,ende grote baat ons voor de strikken der Menschen te be-
,,vrijden, hebt gy versuimd, nu is nog een en geen ander oo-
,,verig, namentlik, met alle magt op de teedere Hennip en
,,Vlas te vallen, en die uit te toejen; het welk ons wel moe-
,,jelik om doen, en ons dat kruid ten voedsele niet strekken
,,sal, maar vermits ons leven daar aan hangd, en nu geen an-
,,der middel ooverig is, soo raden wy u ernstig, aanstonds
,,dien arbeid te onderneemen, eer het kruid te sterk gewor-
,,teld, en voor ons onuitroejelik zy. De Vogelkens desen raad
gehoord hebbende, seiden, dat sy seekerlik strekte om haar
seer te doen arbeiden, en door gebrek van voedsel magteloos
te maken; terwijle onseeker was, of de Menschen ooit van
dat kruid netten breiden en haar daar mede vangen souden.
De Swaluwen derhalven bemerkende, dat hare raar niet
alleen veragt, maar ook verdagt wierd; verlieten de Bossen
ende Velden, ende gingen woonen by den Menschen, onder
voorwaarden, dat sy die met hunnen sang souden vermaa-
ken, ende daar en teegen vry weesen van alle vervolgingen
der vryheid woonen by den Menschen, terwijle de selve
Menschen alle de andere Vogelkens met netten ende strik-
ken vangen.
Uitlegging der Woorden.
De Ouden hebben hier verstaan met SWALUWEN,
seer wijse ende ervaarene besorgde Menschen.
Met SINGENDE VOGELKENS, dwaase, vrolijke,
ende sorgeloose Menschen.
Wanneer Menschen voorbedagtelik Geselschappen ofte Maatschappien
maken, om gesaamentlik eenig goed ende vermaak te verkrij-
gen ende te genieten, ofte om eenig quaad ende eenige ongemak-
ken te ontgaan: soo moet het maatschap te tussen Gelijken, ofte
word op het eerste voorval die Maatschappy gebrooken. Ende is dit
niet het gunt deese Fabul ons Leerd, maar wel dat de meeste
Gemeenschappen, geselschappen ende maatschappien ontstaan by gevalle, son-
der ons toedoen, of wel door onvoorsiene haastige voorvallen, die
den Menschen geenen genougsaamen tijd van beraad, om die aan te
gaan ofte niet toelaten. Sulks daar uit plagt te ontstaan eene groote
Verscheidentheid der Gesellen; ende dat d'een veel klouker ende sorg-
vuldiger als de andere zijnde, nogtans onder de selven eene gemeen-
schap ofte maatschappy kan bestendig blijven, wanneer die onkondi-
gende min sorgvuldigen geseggelik ende te raden zijn. Maar gant-
selik niet, wanneer sy sig van den Wijseren niet willen laaten raaden.
Gelijk met siet, dan wanneer schrandere, sig selfs oeffenende, ervaarene
ende sorgvuldige Menschen, eenige gemeenschap met plompe, onkonddige
leuje Menschen gekreegen hebben; sy ook daar ook veeltijds voor-
sien konnen eenige verre afgeleegene saaken, die de plompe, onkondige
gesellen niet voorsien, ende welke saaken indien niet tijdelik met ge-
meene magt ende sorge afgeweerd werden, de geheele Gemeenschap
verderven sullen. Derhalven die Schrandersten alsdan niet konnen, nog-
te mogen met goeden gemoede, nalaten, die verre afgeleegene pe-
rikulen, ende hoe dat gemeen verderf voorgekomen kan werden, in
allen ernst aan haare Gesellen bekend te maaken: Als wanneer sy
gemeenelik bevinden, dat die Gesellen, ten deele door onkonde, ende
als eene dwaasheid uitlaggen. Ende daar naa, als die Wijsen het gevreesd
quaad siende naaderen, haaren raar nog sterker drijven, den selven
raad niet alleen verwerpen, maar ook den raadgeever van ontrouwe
verdagt houden. Sulks sodaanige wijse menschen alsdan verpligt zijn,
om haar verderf voor te koomen, uit die verdervelijke Gemeenschap
ofte Maatschappye aanstonds te scheiden, al waare het ook met eene
andere Maatschappye aan te gaan met die menschen van welken het
voorgaande quaad gevreesd wierd; onder beding ende voornee-
men nogtans, van haare eerste makkers niet te moeten, nog te willen
beschaadigen.
Ende gelijk dit in alle Gemeenschappen, Geselschappen ende
Maatschappyen bevonden werd waarhaftig te zijn, soo bevind men
het selven meer in eene grootere, ende allermeest in de allergrootste
Gemeenschappen, Geselschappen ende Maatschappyen, daar een seer
klein gedeelte van gemeen goed, ende quaad, dat door anneeminge
van eenen goeden raad staat verkreegen ofte vermijd te werden; die
onkondige losse ende nijdige Gesellen, nog min opwekt om die
raad, strekkende ten voordeele aller Ingeseetenen in het gemeen,
naar sijne waardye wel te ooverweegen, ende in teegendeel haare
onkonde, laatdunkenheid ende nijd teegen den Raadgeever des te meer
gaande maekt, wanneer die nijdige, door ende met dat teegen-
streeven een weinig meer eigenbaat, als door het gemeen welvaaren der
Maatschappye, beoogen konnen.
Ende insonderheid werd de goede raad der kloukste ende deugdsaamste
Regenten meest veragt in qualik gestelde Republijken, daar seer weinige men-
schen aan het roer sitten; alsoo de kloukste ende deugdsaamste al daar ge-
meenelik van de onweetensten ende onbequaamsten, soo seer benijd werden,
dat niet alleen haare goede raad veragt, maar dat sy selfs in teegenloopende
swaare tijden, door de bewerkinge haarer nijdige ende ondeugende Meede-
broederen, van ontrouwe verdagt gehouden werden. Sulks voor die Vroomste
Regenten alsdan geen middel om sig te behouden ooverig is, dat met haare
siele in lijdsaamheid te besitten, ende sig te begeeven onder de bescherminge
van eene beetere Republike, om aldaar te konnen afwagten, dat de tijd en-
de de drouvige ervaarentheid allen Ingeseetenen der Republijken daar sy
uitgeweeken zijn, doe sien, hoe veel beeter het waare geweest dien goeden
raad gevolgd, als gevragt, ende die loffelike Raadgevers genougsaam, ten
verderve der Republike, uit den lande verdreeven te hebben.
Ende meenen wy dit den eigentlijken sin deeser FABULE te weesen,
alwaar de Swaluwen sig oover haaren goeden raad veragt ende verdagt siende,
van haare oude Gesellen, namentlik alle de singende Vogelkens, scheiden, de-
selve verlaaten, ende by den Menschen gaan woonen.
Omnes ignorantia cum arrogantia perdit.
TYPE emblem pictura IC 25F31 ; 25F32(SWALLOW)(+5262) ; 41A17 ; 41A3212 ; 46A14 ; 46AA14 ; 47I111 ; 47I15(PITCHFORK) ; 85(SWALLOWS AND OTHER SONG-BIRDS) ; 86(DIE NIET TE RADEN IS, IS NIET TE HELPEN) ; 86(OMNES IGNORANTIA CUM ARROGANTIA PERDIT) PREV embstma_add132_emblem002 MOTTO_NLDie niet te raaden is, is niet te helpen.
ID embstma_add132_emblem003 MOTTO_LA_NORM Omnes ignorantia cum arrogantia perdit CHILDREN CHILDREN_SQRT 0