$ TEXT_EXPL_XML

17. De Wolf ende de Hond. Seekere Wolf, door hongers-nood geperst zijnde, ver- liet het Bos, om by den Menschen sijn voedsel te souken, ende in sijnen weege een Hond ontmoetende, die vet, glad ende wel gedaan was, begon hy sig selven te verfoeijen, dat hy, die den Honde seer gelijk was, soo langen tijd de Menschen gemijd had, ende bestond hy den Hond seer gelukkig te agten, soo wel van den Menschen besorgd te werden. Sulks die Hond den Wolf wijders berigte, dat hem dat gemak ende dien oover- vloed aan quaam, door sijne Heere te vleijen, op te pas- sen, ende, gelijk men seid, aan der hand te gaan, son- der eenigen arbeid te doen: ende besloot de Hond sijne reeden hier meede, dat hy den Wolve raade, sijne schraa- le heide ende arremoede te verlaaten, om in desgelijks sij- nen Heere ten dienste te zijn, met beuselingen, ende door dat middel dus oovervloedig ende lekkerlik gevoed te werden. Welke reeden den Wolf, die albereids ge- neegen, ende eenigsins door honger genoodsaakt was, sijnen kost omtrend de menschen te souken, bynaast be- woogen soude hebben, sig in dienste eenes Heeren te ver- binden: maar als hy den Hond wat naarder besiende, vermerkte dat hy om den halse seer weinig hairs had, en- de vraagde, hoe hy onder de kin soo kaal, was seide hem de Hond, sulks by te koomen door eenen hals-bande, daar sijn Heer hem somwijl met een keeten aan deede sluiten. Toen de Wolf dit hoorde, schrikte hy soo seer van gee- nen vryen hals te hebben, ende in die slaavernie te koo- men, dat hy den Honde antwoorde: Altijds een Slaaf, ende somtijds een geboeide Slaaf te werden, alleen om lekkere spijse te genieten, staat my niet aan. Ik keere veel liever naar het Bos, ofte naar mijne schraale heiden, daar ik, hoewel in arremoede, naar mijne eigene sinnen mag leeven, sonder soodaanig, ende soo veel ofte wei- nig voedsels, als het dien Heere geliefd te genieten, of- te ook naar sijn gelieven altijds gereed te moeten zijn, te leeven ofte te sterven.

;

Uitlegging der Woorden. De Ouden hebben hier verstaan met den Wolf, een Mensch, die gewoon is in Vryheid te leeven. Met den Hond, een Mensch, die gewoon is een Slaaf te zijn. Alle menschen zijn niet alleen verpligt, haar eigen behoud, welvaaren, ende beeteringe hunnes stands geduurig te sou- ken; maar ook, soo veel in haar vermoogen is, de Dood, Schande, ende alles wat haar schaaden kan, te weeren. Ende bevind men in het gemeen, dat tot beiden genougsaame geneegendheid by alle Menschen bespeurd werd, hoewel om opgemelde goeden te verkrijgen, ende het quaaden te vermijden, wonderlik verschei- dene, jaa teegen een strijdende weegen werden ingegaan, naar dat die menschen opgevoed, ende gewoon zijn te leeven. Dus sien wy, dat Menschen, wien van jongs aan werd ingeboe- semd, hoe loffelik eene saak het zy, meer dan andere Menschen te weeten, ende daar by geneegen te zijn naar de maate sijner ken- nisse, soo aan dig selven, als aan andere menschen, goed te doen, ende wien daar en booven geduurig werd voorgedraagen; hoe gelukkig die Menschen zijn, welke door de Heerschappye ende den Dwang van andere Menschen niet werden belet, die goede genee- gendheeeden allesins te konnen uitwerken;ende wien daar en boo- ven geduurig werd ingescherpt, hoe groot een genougen ende rust voor hun gemoed het zy, sig selven daar in als regtschaapene loffelijke Menschen gequeeten te hebben; Soo bevind men daage- liks, seggen wy, dat die Menschen daar door seer leer-ende eer- gierig werden. Ende indien deselve Menschen dien weg van Deugd, Eere ende Vryheid, eenigen tijd ingaan; soo siet men gemeenelik, dat sy sig daar by seer gerust in haaren gemoede, ende ook in den ommegange met andere Menschen, seer wel bevindende, op dien weege soo bevestigd werden: dat geene daar teegen strijdende ofte daar van afleidende aanlokselen, haar daar van kon- nen afleiden, ende dat geene arremoede ofte teegenspoeden dee- ses weerelds genoug zijn, om haar van die gerustige, ende haar seer behaagelijke wijse van leeven af te schrikken. Dus sien wy, dat Menschen, die van jongs aan Deugd, Eere, Geleerdheid, Konsten ende Vryheid, hebben hooren veragten; ende die niet hebben hooren prijsen, dat uiterlijke grootsheeden, en- de lighaamelijke vermaaken, sig ook gemeenelik aan lekkere spijse ende drank, byslaapen, speelen, ende andere Brutale ofte Beestelike beesigheeden soodaanig oovergeeven, dat sy haare arme Siele nooit opwekken, om wat beeters te denken ende te willen: maar dat sy in teegendeel om in die wellustige weegen te konnen voortgaan, sig niet ontsien, haare aangeboorene Vryheid, die onwaardeerlike Schat te onderwerpen aan andere menschen, ende by gevolge sig te verpligten, alles te doen ende te lijden, wat dien Menschen sal lusten te gebieden, sonder dat deese slaafagtige Menschen sig ooit van die Slaaffe wijse van leeven laaten afleiden. Ende gelijk men opgemeld onderscheid, by de gemeene Men- schen in 't bysonder aangemerkt weesende, vind; soo siet men het selven ook allermeest uitsteeken, wanneer seer veele Menschen by een koomen, ende yder van dien sijne Deugden oopenbaard in Kerkelike ende Politike Vergaaderingen. Want hier vind men altijds eenige Kerkelike ende Politike Martelaars, welke om dat niet den Al- magtigen God, ofte de Vryheid hunnes Vaaderlands versaaken ofte verraaden willen, alle de aanlokielen ende grootsheeden deeses weerelds, die haar aangebooden werden, veragten, ende alle die smerten ende vervolgingen der Tyrannen kloekmoedig uitstaan, en- de zijn dit die vroome Helden, ende regt-eedelmoedige menschen, welke daar door by Goode ende den vroomen Menschen in seege- ninge eewiglik sullen leeven. Ende vind men hier ook in teegendeel altijds seer veele Slaaffe, vadsige verfoejelike menschen, welke om een schootel moes, ofte om eenige Officien te mogen bekleeden, ende eenige Benesicien te ge- nieten, haare Eerste-geboorte verkoopen, ende verraaderlik aan eenen, het zy Kerkelijken het zy Weereldlijken Dwingelande, opdraagende, daar door by Goode ende den vroomen Menschen, hier ende hier naa, eewiglik vervloekt werden. Ende meenen wy hier meede den eigentlijken sin deeser FABU- Le te hebben voorgedraagen. Want de Wolf is gewoon in Vryheid te leeven, ende aldaar alle vervolgingen der Menschen uit te staan. De Hond daar en teegen is gewoon, sig een Slaaf der menschen te maaken, ende dien volgende soo met quispelstaarten als met op- sitten, een stukjen broods van selven te beedelen, ende op het wenken sijnes Heeren, maar ook andersins niet, het brokjen Broods, dat hy gebeedeld heeft, ende op sijnen neuse gelegt is, te moogen inslikken: ende daar en booven ten allen tijden ten gelieven sijnes Heeren alles oover te geeven, te leeven ofte gedood te werden.

SEQ 19 PARENT embstma_add132 HIM FABLES ; GUL ; MNE ; EMBLEMS ; ILL_BOOK URL_IMAGE embstma_add132_pic107.jpg TIPE emblempictura NEXT embstma_add132_emblem018 IIHIM FABLES ; GUL ; MNE ; EMBLEMS ; ILL_BOOK CAPTION_EN The hungry wolf, although jealous of the dog's easy life, prefers to live in freedom SOURCE_FILE embstma_add132.xml MOTTO_NL_NORM En laat u eenes Heren smakelijke spijs niet gelusten, want het is een leugenachtig brood LINK_FACSIMILE embstma_add132_fac107 MOTTO_LA

Libertas vitae aequiparatur

TYPE emblem pictura IC 25F23(WOLF) ; 34B11 ; 41C119 ; 51E11(+4) ; 55BB1 ; 85(THE WOLF AND THE DOG) ; 86(EN LAAT U EENES HEREN SMAKELIJKE SPIJS NIET GELUSTEN, WANT HET IS EEN LEUGENACHTIG BROOD) ; 86(LIBERTAS VITAE AEQUIPARATUR) PREV embstma_add132_emblem016 MOTTO_NL

En laat u eenes Heeren smaakelike spijse niet gelusten, want het is een leugenagtig brood. Prov.cap.33.

ID embstma_add132_emblem017 MOTTO_LA_NORM Libertas vitae aequiparatur CHILDREN CHILDREN_SQRT 0