TEXT_EXPL_XML

<p>19. De Kikvorssen ende de Balk.<lb/> De Kikvorssen seekeren tijd in voller vryheid geleefd<lb/> hebbende, soodaanig, dat yder van haar op sijne beurt<lb/> Hoofd ofte de Eerste der Vergaaderinge wierd, ende al-<lb/> daar altijds vryelik sijne stemme ten gemeenen welvaaren<lb/> geeven mogt, bevonden, dat die eerste Kikvors niet wel<lb/> aansiens genoug had, om die Vergaaderinge altijds met<lb/> de meeste rust ende stilte te konnen bestieren: Sulks sy<lb/> Jupiter baaden, dat hy hun, na de wijse van andere Rij-<lb/> ken, eenen Koning wilde geeven, die haar in aller bil-<lb/> <pb n="embstma_add132_fac116"/> likheid soude regeeren. Waar op Jupiter, meenende dat<lb/> deese Vorssen wel soo wijs waaren, dat sy geen ander<lb/> Hoofd begeerden, dan dat hun goed ende geen quaad<lb/> doen konde, haar eenen Balk in den waatere wierp, daar<lb/> sy in der sonne gemakkelik opspringende, hun baaker-<lb/> den ende uitstrekten, als ook haare Vergaaderinge geru-<lb/> stelik houden konden, sonder dat de Eerste ofte de ge-<lb/> meene Vorssen van eenige Beesten vertreeden ofte schielik<lb/> oovervallen konden werden. Maar dat was haar niet<lb/> genoug; sy wilden daar en booven een Hoofd hebben,<lb/> dat ook haare Vyanden konde verslinden; derhalven sy<lb/> Jupiter met haare gebeeden ten dien einde weederom<lb/> moejelik vielen, ende hy haar in sijnen toorne gaf den<lb/> lang gebeenden Oyevaar, die sy seer geerne aannaamen,<lb/> om dat hy schoon wit ende swart van veederen was, ee-<lb/> nen langen rooden bek ende ook dusdaanige pooten heb-<lb/> bende, seer beleefd, staadig van gang, ende seer besorgd<lb/> voor sijne longen ende Ouderen was. Ende insonderheid<lb/> hadden sy een seer groote ende goed verwagtinge van<lb/> deesen Ojevaare , omdat hy de Slangen, dat haare groot-<lb/> ste vyanden waaren, verslinden konde: Maar leider! sy<lb/> Jupitet met haare Vyanden konde verslinden; derhalven sy<lb/> Jupiter met haare gebeeden ten dien einde weederom<lb/> moejelik vielen, ende hy haar in sijnen toorne gaf den<lb/> lang gebeenden Oyevaar, die sy seer geerne aannaamen,<lb/> om dat hy schoon wit ende swaer van veederen was, ee-<lb/> nen langen rooden bek ende ook dusdaanige pooten heb-<lb/> bende, seer beleefd, staadig van gang, ende seer besorgd<lb/> voor sijne longen ende Ouderen was.l Ende insonderheid<lb/> hadden sy eene seer groote ende goede verwagtinge van<lb/> deesen Ojevaare, om dat hy de Slangen, dat haare groot-<lb/> ste vyanden waaren, verslinden konde: Maar leider! sy<lb/> bevonden seer haast, dat hy haare vyanden niet meer als<lb/> haar, daageliks naar sijn gevallen op-at, waarom de naa-<lb/> koomelingen deeser al te onvoorsigtige Kikvorssen hun-<lb/> ner Voor-Ouderen dertelheid verfoeijende, nu nog niet<lb/> ophouden, geduurig wraak daar oover te roepen, dog te<lb/> vergeefd, alsoo sy sig door haare Ondankbaarheid oover<lb/> de Goddelijke goedheid haar te vooren beweesen aller<lb/> Gonsten, soo van Goode als van Menschen, onwaardig<lb/> hadden gemaakt. Ende daar meede moesten sy toen,<lb/> ende moeten sy ook nu soo in het waater als op het<lb/> land, met alle omsigtigheid sig voor haare oude Vyan-<lb/> <pb n="embstma_add132_fac117"/> den, naamentlik voor de Slangen, ende daar en booven<lb/> voor deesen nieuwen Koninge wagten.<lb/> </p>

<p>Uitlegging der Woorden.<lb/> De Ouden hebben hier verstaan met VORSSEN,<lb/> gemeene onkundige Menschen.<lb/> Met een BALK, een onschaadelik Hoofd eener Re-<lb/> publike, ofte ietwes dat goed ende geen quaad doen<lb/> kan.<lb/> Met den OJEVAAR, ietwes dat goed ende ook quaad<lb/> doen kan. Ofte een Hoofd der Republike, dat niet<lb/> alleen de Vyanden van dien beoorloogen, maar ook de<lb/> Wettige Regenten ende de Ingeseetenen van dien, ty-<lb/> ranniseeren kan.<lb/> Dat de Ouden met JUPITER den Oppersten God heb-<lb/> ben verstaan, is eenen ydere bekend.<lb/> Alle menschen, die weeten ofte gelooven, dat de Almagtige God<lb/> alles geschappen heeft, ende in der eeuwigheid naar sijnen<lb/> wille bestierd; vinden, wanneer sy in eenige swaarigheeden zijn,<lb/> sig verpligt, den selven God te bidden, dat het hem gelieve,<lb/> haar van die ongemakken te verlossen, ende verseekeren sy sig on-<lb/> derwijlen, dat sy van Gode, wat goeds biddende, seekerlik het<lb/> selfde, ofte wat beeters, verkrijgen sullen, Ende wanneer sy<lb/> wat goeds voor sig selven verkreegen hebben, soo werden sy des<lb/> te meer verpligt Goode Dankbaar te zijn, dat is, des te sorgvul-<lb/> diger naar sijne Wetten te leeven, in alles op hem te vertrouwen,<lb/> ende sijne wijsheid soo wel als sijne goedheid, voor den Menschen<lb/> te belijden ende te looven.<lb/> <pb n="embstma_add132_fac118"/> Ende indien sy daar en teegen in plaatse van oover die genoo-<lb/> tene weldaaden Dankbaar te zijn, de selven in het geheel vergee-<lb/> ten, ofte misnougd schijnen, dat sy geene grootere weldaaden,<lb/> ende insonderheid geene grootere magt, om andere te konnen be-<lb/> leedigen, van Gode ontsangen hebben; ende derhalven van hem<lb/> daar en booven begeeren te verkrijgen eene magt, om andere<lb/> Menschen te konnen beschaadigen ende dooden: Soo siet men<lb/> veeltijds gebeuren, dat die oneindelik wijse God het selfden den<lb/> Menschen geefd in sijnen toorne, dat is soodaanig, dat het den<lb/> selven, die het verkreegen hebben, seer schaadelik zy ofte wer-<lb/> de, eeven of sy vierige koolen uit den Heemele op haare koppe<lb/> gebeeden, ende ook verkreegen hadden.<lb/> Ende is het waarelik seer te beklaagen, dat de Menschen in het<lb/> gemeen, soo onweetende, swak, ende boosaardig zijn, dat sy in<lb/> haare teegenspoeden sig wijsselik ende ootmoediglik gedraagen,<lb/> als meede daar door Goodes Seegen ende de geneegendheid veeler<lb/> Menschen tot sig getrokken hebbende, daar door van haare plaa-<lb/> gen naaweliks verlost werden, of sy tragten te verkrijgen eene<lb/> magt, om anderen, het zy onnooselen, of die haar ook beleedigd<lb/> hebben, te doen soo veel ofte meer quaads, als sy voormaals van<lb/> die Boosen geleeden hebben, sulks sy die magt verkrijgende, ende<lb/> misbruiken willende, veeltijds bevinden, dat soo veele Menschen<lb/> teegen die verdruk-sugtige ende voor de verdrukten opgewekt<lb/> werden, dat sy seer selden hun oogwit bekoomen. Waar by nog<lb/> gevougd werd, dat het selfde middel, dat sy gemaakt ofte ver-<lb/> kreegen hebben, in meeninge, daar meede andere Menschen te<lb/> plaagen, ook kragtig genoug, jaa nog meer bequaam is, om haar<lb/> selfs, als om andere Menschen te plaagen.<lb/> Dus baaden de Israëliten in haare verdrukkingen, ten tijden van<lb/> haare populare Regeering, als wanneer een waapenloose Priester, die<lb/> in haaren Raad voorsat, haar daar uit niet wel helpen konde, om<lb/> Rigters, die in tijden van oorloge magts genoug hadden, om on-<lb/> der haar beleid met vrye ende onbesoldigde Israëliten, sonder ee-<lb/> nige de minste Vremdelingen te gebruiken, haare vyanden te ver-<lb/> drijven, maar hadden die Rigters dien volgende niet magts ge-<lb/> noug, om geduurende den korten tijd van dien dienst, de Repu-<lb/> blike te verkrasten. Efter wilden sy, gelijk als andere volkeren,<lb/> <pb n="embstma_add132_fac119"/> een Koning, dat is een Hoofd voor sijn leeven hebben, om haar te be-<lb/> regten, als ook met die magt te vermoogen, ten allen tijden<lb/> de Krijgs-luiden by een roupen, ende oover de selven stellen, ende al-<lb/> soo teegen de vyanden te trekken, om die schielik te konnen oo-<lb/> vervallen, ende haare Landen te ooverwinnen. Ende hoewel de<lb/> Propheet Samuel haar voordroug, ,,Dat soo een Koning hare be-<lb/> ,,ste Olijf-ende Wijn-gaarden neemen, ende aan sijne Hoovelin-<lb/> ,,gen uitdeelen soude, ende dat hy het tiende van alle de andere<lb/> ,,Akkeren soude begeeren, ende haare Soonen ende Dogters tot<lb/> ,,sijne slaaven ende slaavinnen soude makken: Soo begeerden sy<lb/> des niet te min eenen Koning, ende verkreegen den selven. En-<lb/> de bevonden sy seer haast, dat die Koningen, om niet als voor dee-<lb/> sen de Hoogepriesters ende Rigters door de Israëliten veragt ende ver-<lb/> worpen te konnen werden, een seer groot getal van Hoovelingen<lb/> aanhielden, ende daar en booven geduurige oorloogen teegen de<lb/> Nabuuren veroorsaakten, immers in allen gevalle soo van vreede<lb/> als van oorloge, soo een groot getal Bevelhebbers ende gemeene Krijgs-<lb/> lieden betaalden, om haar ook ter verdrukking der arme Israëli-<lb/> ten, van wien de Koning de Schattinge voor de soldie der Krijgslui-<lb/> den trok, te konnen gebruiken, dat sy alle, de waarheid van Sa-<lb/> muels prophetien bevonden, ende te vergeefd God den Heere, om<lb/> van die Tyrannige Koningen verlost te werden, aanriepen. Want<lb/> onder alle de Koningen, soo van Juda als van het geheel ander is-<lb/> raël, naaweliks een geweest is, welk niet veel meer sijn volk van<lb/> binnen van haar Vryheid ende van haare Penningen beroofd, ende<lb/> oover haar geryranniseerd, als haar teegen de oovervallingen der<lb/> nabuurige Vyanden beschermd heeft. Tot dat eindelik, soo wel<lb/> de Koningen, als de gemeene Ingeseetenen van beide die Rijken,<lb/> ellendiglik verstrooid, ofte in gevangenissen vervoerd ende ver-<lb/> nietigd zijn geworden.<lb/> Gelijk wy ook in onse tijden gesien hebben, dat Ingeseetenen<lb/> van Republiken niet te vreeden zijnde geweest met Hoofden van dien<lb/> te hebben, welke der Republike baat ende geene schaade aanbren-<lb/> gen konden, nogtans daar meede niet te vreeden zijn geweest;<lb/> maar van Goode begeerd ende verkreegen hebben in sijnen toor-<lb/> ne, Hoofden met soo groote magt voorsien, dat sy naar haar gelie-<lb/> ven, der Republiken veel meer goeds ende ook veel meer quaads<lb/> <pb n="embstma_add132_fac120"/> toebrengen souden konnen. Sulks wy den aandagtigen Leesere nu<lb/> voortaan laaten aanmerken, ende oordeelen, of de Dienst soodaa-<lb/> niger Hoofden, seedert dien tijd meer heeft gestrekt om de Vyan-<lb/> den kloukelik te beoorloogen, of wel om de Ingeseetenen meer<lb/> ende meer van haare Vyrheeden ende Penningen, ofte andere Goe-<lb/> deren te berooven.<lb/> Derhalven dunkt ons de eigendlijke sin deeser FABULE te<lb/> weesen, dat de gemeene luiden sig behoorden te schikken naar<lb/> den Staat daar sy in zijn: ende veranderinge begeerende, dat sy<lb/> niet verders behoorden te tragten, dan van haare ongemakken<lb/> verlost te werden, ende dat sy daar en booven andere Menschen<lb/> willende beschaadigen, gemeenelik haar eigen verderf op haare<lb/> halsen haalen; Ende leerd deese FABUL daar beneevens, dat<lb/> men het selven insonderheid siet in Republiken, walwaar de Vrye<lb/> Ingeseetenen niet te vreeden zijn met ongewaapende Hoofden te heb-<lb/> ben, maar soodaanige Hoofden der Republike begeeren, die<lb/> de Krijgs-luiden by een roupen, ende daar oover Bevel-hebbers<lb/> stellen mogen, naamentlik, dat die Republiken ende Ingeseete-<lb/> nen, daar ook door gemeenelik ten gronde gaan.<lb/> </p>

SEQ

21

PARENT

embstma_add132

HIM

FABLES

GUL

MNE

EMBLEMS

ILL_BOOK

URL_IMAGE

embstma_add132_pic115.jpg

TIPE

emblempictura

NEXT

embstma_add132_emblem020

IIHIM

FABLES

GUL

MNE

EMBLEMS

ILL_BOOK

CAPTION_EN

Jupiter appoints the stork as king of the frogs, who are dissatisfied with the beam he had given them first.

SOURCE_FILE

embstma_add132.xml

MOTTO_NL_NORM

Gelukkig is hij, die niemands slaaf ende niemands tiran wil zijn

LINK_FACSIMILE

embstma_add132_fac115

MOTTO_LA

<p>Ut servitus contra naturam, ita natura in<lb/> tyrannidem proclivis.</p>

TYPE

emblem pictura

IC

25F37(STORK)

25F51(FROG)

25G4(REED)

25H213

31A2512(+9322)

44B113

44B6

47I872

54D5(+4)

85(JUPITER APPOINTS THE STORK AS KING OF THE FROGS)

86(GELUKKIG IS HIJ, DIE NIEMANDS SLAAF ENDE NIEMANDS TIRAN WIL ZIJN)

86(UT SERVITUS CONTRA NATURAM, ITA NATURA IN TYRANNIDEM PROCLIVIS)

92B1

92B18(CROWN)

92B18(EAGLE)

92B18(SCEPTRE)

PREV

embstma_add132_emblem018

MOTTO_NL

<p>Gelukkig is hy, die niemans Slaaf<lb/> ende niemans Tyran wil zijn.</p>

ID

embstma_add132_emblem019

MOTTO_LA_NORM

Ut servitus contra naturam, ita natura in tyrannidem proclivis