| TEXT_EXPL_XML |
<p>54.De Schildpad, Haas, ende Kikvors.<lb/> DE Schildpad wel eer over hare traagheid van den Haase<lb/> bespot zijnde, had, om die spot in het toekomende niet<lb/> meer onderworpen te zijn, eene wedding aangegeaan met<lb/> den Haase, dat sy, niet jeegenstaande haare traagheid,<lb/> de selve reise eerder als hy, soude afleggen: waar op sy<lb/> <pb n="embstma_add132_fac322"/> ook, seer vroug opstaande en gestaadig voortgaande, de wed-<lb/> ding had gewonnen; terwijle de Haas, op sijne snelheid<lb/> betrouwende, laat opstond, ende ook onderweege sijnen<lb/> tijd in der Herberge versuimde, om sijne lusten te versadigen.<lb/> Ende daar en booven wist de Schildpad, dat de Hasen<lb/> ook wel eer in haare Vergaderinge rijpelik ooverlegt heb-<lb/> bende, dat sy van Menschen, Honden, ende Grijp-voo-<lb/> geen geduurig vervolgd wierden, sonder sig te konnen<lb/> beschermen, ofte haare Vyanden beleedigen; ende dat sy<lb/> daarom hadden beslooten, gelijkelik in eener diepe poe-<lb/> le te springen, om aldus een eind van haar altijds be-<lb/> kommerlik leeven te maaken. Dog dat sy alle sterkelik<lb/> ten dien einde derwaarts loopende, hadden gesien, dat<lb/> de Kikvorssen, haaren aanval vreesende, alle waaren ge-<lb/> sprongen in den watere, om sig aldaar te verbergen. En-<lb/> de dat derhalven een der wijste Haasen het selven opmer-<lb/> kende, had aangeweesen, dat hier leevendige Schepse-<lb/> len waaren, die nog meer Vyanden, als sy hadden; Jaa<lb/> dat die ook de Haasen vreesden, en des niet te min haar le-<lb/> en sorgvuldiglik bewaarden, met tijdelik te vlugten naar<lb/> hunne sterkten, en sig aldaar te onthouden, tot dat die nood<lb/> oover was. Dat sy Haasen, snelder dan de Kikvorssen zijn-<lb/> de, het selven ook beeter doen konden. Gelijk die Schild-<lb/> pad daar beneevens wist, dat de Haasen op deese ver-<lb/> maninge hadden beslooten, voortaan ten besten des doe-<lb/> nelik, hare Vyanden te vermijden, en besprongen werden-<lb/> de in hoolen haar leeven te bergen: Ende dat het selfden<lb/> haar soo wel was gelukt, dat het geslagt der Haasen tot<lb/> heeden toe in weesen was gebleeven.<lb/> Eindelik wist ook de Schildpad, dat sy sig in haare<lb/> schild verborgene houdende, meenig-werven van Grijp-<lb/> voogelen, ende andere Vyanden, aangegreepen was ge-<lb/> <pb n="embstma_add132_fac323"/> weest, maar nooit verslonden had konnen werden, ende<lb/> dat sy derhalven op haar van Jupiter ten gaste ge-<lb/> noodigd zijnde, alle andere derwaarts gegaan, ende sy<lb/> alleen ten huise gebleeven was, met die verontschuldigin-<lb/> ge, dat Oost West,'t Huis best was. Dat die verontschul-<lb/> diging Jupiter ook soo wel had bevallen, dat hy haar des-<lb/> weegen had gebooden, voortaan haar Huis altijds, ende<lb/> ook oover alle, derwaarts sy begeerde, met sig te dragen;<lb/> ten einde sy van geene Grijp-vogelen verslonden, ofte van<lb/> quaade Buuren gequollen soude werden.<lb/> Dit alles niet jeegenstaande, soo gebeurde daar naa,<lb/> dat sy de Kikvorssen ten lande seer snel springen, ende in<lb/> den waatere seer snel swemmen siende, waande die seer<lb/> gelukkig, ende sig selven seer ellendig te zijn, tot dat sy<lb/> bemerkte, hoe de Kik-vorssen, des niet te min, ten lan-<lb/> de van seer veele Woud-voogelen, ende ten waatere van<lb/> veele nog snelder swemmende Water-voogelen, Slangen,<lb/> ende Vissen, verrast ende verslonden wierden: als wanneer<lb/> sy ten regte oordeele, seer gelukkig te sullen weesen,<lb/> indien sy, naar den stand, daar sy in was, sig wilde vou-<lb/> gen, sonder de standen der andere Dieren te benijden<lb/> ofte te wenschen: ende derhalven soo besloot sy, ende nam<lb/> standvastelik voor, hare kennisse omtrend saaken die haar<lb/> eigen wel-weesen mogten betreffen, soo veele haar doe-<lb/> nelik was, voortaan te vermeerderen, ende sig daar in al-<lb/> tijds naar de maate haarer weetenschap te draagen.<lb/> </p> <p>Uitlegging der Woorden.<lb/> Met SCHILD-PADDEN, hebben de Ouden ver-<lb/> staan, trage dog vlijtige ende arbeidsame Menschen.<lb/> <pb n="embstma_add132_fac324"/> Met HASEN, al te haastige dog wel bereisde ende belee-<lb/> sene Menschen.<lb/> Met KIK-VORSSEN, Boeren, ende andere gering ofte<lb/> gemeen Volk, dat haastig opspringd ende weder haast duikt.<lb/> WAnneer men op den verscheiden aard der Menschen agt neemd,<lb/> soo bevind men, dat eenige van dien geswind in haare ligha-<lb/> melike beweegingen, ende ook seer vaardig in alle hare gedagten<lb/> ofte oordeelen zijn: ende dat dese twee saken den selven, als ook<lb/> anderen Menschen, in den beginne altijds soo een groot behaa-<lb/> gen geeven, dat sy, door opgemeld behaagen, gemeenelik wer-<lb/> den opgewekt, om hoogere ende grootere saaken, dan die sy be-<lb/> sitten, ofte haar betamen, te begeeren. Want oovermits soo-<lb/> daanige hooge saaken niet dan by geluk, ende met onverdrietige<lb/> sorge ende geduurigen arbeid plagten verkreegen te worden; en-<lb/> de dat die standvastigheid selden by die vlugge lighaamen ende ge-<lb/> swinde geesten ofte verstanden gevonden werden: Soo siet men<lb/> oook veeltijds dat sy door het groot gevoelen, welke sy van haare<lb/> eigene bequaamheeden hebben, saaken onderneemen derven, die<lb/> sy door haare sorgeloosheid, versuim, ende afkeer van eenen ge-<lb/> staadigen arbeid, niet bereiken konnen. Als wanneer sy alle ha-<lb/> ren moed verliesende, ook haare uitwerkingen in het geheel ver-<lb/> brooken werden, ende sy niet alleen vermerken, dat sy beneeden<lb/> de trage Menschen, die sy voormaals te versmaden plagten, behoor-<lb/> den geagt te werdenl maar sig ook als dan inbeelden de aller-ramp-<lb/> saaligste onder alle de Menschen des gantsen Aardboodems te zijn.<lb/> Daat en teegen bevind men, dat andere Menschen, die traag<lb/> in haare lighaamelike beweegingen, ende ook in haare gedagten<lb/> ende oordeelen zijn, daar door, soo by sig selven, als by andere<lb/> Menschen, in seer klein agtinge weesende, niet derven groote<lb/> ende hooge saaken, die haar souden konnen ontschieten, begee-<lb/> ren: ende dat sy daarom tragtende maar mindere saaken, die haar<lb/> betaamen, deselve allangs, ende treede voor treede, met eene soo<lb/> groote sorgvuldigheid ende gestaadigen arbeid bejaagen, dat sy<lb/> veeltijds hun oogwit bekoomen, ende als dan eerst bemerken,<lb/> <pb n="embstma_add132_fac325"/> dat het eind onser werken, ende onses leevens, waarelik alle on-<lb/> se voorgaande werken, ende alle ons geheel leeven kroond: als<lb/> meede van haar als dan eerst vermerkt werd, dat die vlugge ende<lb/> hoog-vliegende Menschen, die sy wel eer te benijden plagten,<lb/> selden haar oogwit bereikende, ende veeltijds een drouvig einde<lb/> maakende, waarelik niet gelukkiger als sy, maar veel ongelukki-<lb/> ger zijn. Want dan vermerken sy eerst, dat men sig waarelik ge-<lb/> lukkig maakt, wanneer men sijne gedagten niet soo seer laat gaan<lb/> op het goed, dat een ander heeft, ende ons ontbreekt; als wel op<lb/> het gunt een ander derfd ende wy besitten. Ende insonderheid<lb/> bevinden sy als dan, dat men sig gelukkig maakt, wanneer men<lb/> tragt, sig met sijn eigen lot te verheugen, ende stil te leven, son-<lb/> der gedurig naar eenen anderen stand te haaken.<lb/> Alle het welken wy meenen, door onse daagelikse ervaaringe<lb/> omtrend ons eigen selven, ende andere enkelde Menschen Menschen, soo<lb/> bekend te weesen, dat ten dien einde geene aanwijsinge vereist<lb/> werd. Maar wel diend hier aangeweesen te werden, dat het self-<lb/> de onderscheid ook in geheele Volkeren gevonden werd: Namelik,<lb/> wanneer wy de grove lighamen ende de trage verstanden der Duit-<lb/> sen aanmerken, ende die vergelijken met de vlugge lighaamen ende<lb/> geswinde oordeelen der Francoisen; soo behaagd ons in den Begin-<lb/> ne een Fransman altijds meer als een Duitsert: Maar als wy daar na<lb/> rijper ooverleggen, wie van beiden in den geheelen loope sijnes<lb/> leevens, meer goeds ofte quaads, baat ofte schaade, gemak ofte<lb/> ongemak, sig selven ende den gantsen menschelijken geslagte aan-<lb/> doed: Ende wie van beiden by gevolge door sijne eigene deugd<lb/> ofte schuld, met weer genougen ofte misnougen, sijn leven be-<lb/> hoorden te eindigen, Soo meenen wy, dat de prijs van dien den<lb/> Francoisen niet behoorde te werden gegeeven.<lb/> Immers dien wy, dat de Volkeren van Europa, die traag in hare bewee-<lb/> gingen en gedagten zijn geweest, als Grieken, Romeinen, Schieten, Celten,<lb/> Duitsen, Etc. Republike Regeeringen, ten voordeele der gemeene<lb/> Ingeseetenen, hebben opgeregt, ende aller-langst behouden hebben,<lb/> terwijle andere vlugge Volkerenm en seer schrandere Verstanden, tot ee-<lb/> ne Monarchale Regeeringe, meest altijds ten voordeele van eenen Mensche, en<lb/> ter onderdrukkinge aller Onderdanen strekt, vervallen zijn. Gelijk<lb/> wy nog heeden sien, dat de schranderste bewooners van geheel Italien.<lb/> <pb n="embstma_add132_fac326"/> haare gemeene Vryheid verlooren hebben, terwijlen die grove Ve-<lb/> netianen ende Genueesen, als ook die trage Switsers de selve behou-<lb/> den. Gelijk wy meede sien, dat geene Volkeren in geheel Europa<lb/> met eene swaardere slaavernie onder eene Monarchale Regeeringe<lb/> werden gedrukt, als de vlugge Francoisen, terwijle die trage Duit-<lb/> sen, indien niet alle, immers ten meesten, deele hare gemeene Vry-<lb/> heid naar siele ende lighame, kloukmoediger beschermen.<lb/> Derhalven leerd ons deese FABUL, dat de Schildpad, dat is de<lb/> traage, neederige, ende in Vryheid leevende Menschen, veel ge-<lb/> lukkiger zijn als de geswinde Hasen, dat is, seer vlugge ende hoog-<lb/> hertige Menschen, die veeltijds van haare Vyanden gedood, ofte<lb/> als de hoog-springende Kikvorssen, van haare eigene Koningen en-<lb/> de Vorsten verslonden werden.<lb/> </p> |
| SEQ |
56 |
| PARENT |
embstma_add132 |
| HIM |
FABLES GUL MNE EMBLEMS ILL_BOOK |
| URL_IMAGE |
embstma_add132_pic321.jpg |
| TIPE |
emblempictura |
| NEXT |
embstma_add132_emblem055 |
| IIHIM |
FABLES GUL MNE EMBLEMS ILL_BOOK |
| CAPTION_EN |
reserved for caption |
| SOURCE_FILE |
embstma_add132.xml |
| MOTTO_NL_NORM |
Een die met klein beslag Sijn leeven einden mag, Heeft meen'gen blijden dag, En selden groot geklag |
| LINK_FACSIMILE |
embstma_add132_fac321 |
| MOTTO_LA |
<p>Vivitur exiguo melius si noveris uti.</p> |
| TYPE |
emblem pictura |
| PREV |
embstma_add132_emblem053 |
| MOTTO_NL |
<p>Een die met klein beslag<lb/> Sijn leeven einden mag,<lb/> Heeft meen'gen blijden dag,<lb/> En selden groot geklag.</p> |
| ID |
embstma_add132_emblem054 |
| MOTTO_LA_NORM |
Vivitur exiguo melius si noveris uti |