$ TEXT_EXPL_XML
64. De Vos, de Bok, ende de Boer.
EEn Bok, vreesende van eenige Jaageren gevangen te
sullen werden, verborg sig gemeenelik by dage in ee-
nen Wijngaarde, om daar naa des nagts sig in oopene
Velden met de kruigen van dien te konnen versaadigen.
Dit aldus eenigen tijd geduurd hebbende, sonder dat de
de oovervloed ende lekkernie der Ranken bekoord; en-
de niet jeegenstaande de Wijnsokken hem vermaanden
soo onvoorsigtig niet te weesen van te minderen ende te
verteeren de geenen, door wiens welvaaren ende hoog-
heid behouden moeste werden; Soo verslond hy alle
de lekkerste ranken, die hem voorquamen, tot dat hy sig
aldaar niet langer konnende voor den Wijngaard-manne
verbergen, genoodsaakt wierd, Veldewaarts te vlugten;
alwaar hy eenen Vos sag, die insgelijks den Jageren ont-
sprongen was.
Dus beiden benaauw ende yverig hunnen wegspoedende,
maakten sy vriendschap, en wierden sy seer dorstig, ende by
eene Water-put komende, sprongen sy beiden seer schielik
daar in, om dus hare dorst te lessen,. Dog hare drink-luft ge-
boet hebbende, merkte de Vos eerst, en daar na ook de Bol,
dat sy daar niet weeder uit springen konden; weshalevn
sy beiden, ende insonderheid de Bok, treurden; tot dat
de Vos in volgender wijse sprak:,, Broeder, hoewel het
,,sig laat aansien, dat wy hier beiden gevangen, ofte van
,,hongere sterven, ofte van den Jageren gedood werden
,,sullen: Soo heb ik nogtans ietwes bedagt, waar meede
,,wy ons seekerlik van der door sullen redden: nament-
,,lik, staa met uwe afterste pooten op den gronde, ende
,,met de voorste tegen de muure; breng dan uwe kin te-
,,gen de borst, op dat uwe hoorens ten hoogsten opstee-
,,ken; dan sal ik op uwen rugge, ende vervolgens op u-
,,we hoorenen klimmende, met eener sponge hier uit
,,geraaken, ende daar na ook u daar uit helpen konnen.
De Bok, dit hoorende, wierd blijde, sette sig aanstonds,
als gesegt was, ende de Vos sprong nog veel blijdelijker
ders oover de ellende ofte verlossinge des Boks te bekom-
meren, met den Bokke schertste: ende als die hem daar
en teegen seer ernstig bad, sijne dier beloften naar te
koomen, soo beschimpte hy hem des te meer, seggende:
,,Indien gy soo veel verstands als baards had, gy goud in
,geene Put hebben gesprongen, sonder al voorens te
,,weeten, hoe gy selfs ongeholpen daar uit raaken soud,
,,ende nog min soud gy, daar in zijnde, hebben geloofd,
,,dat ik u daar uit helpen soude konnen ende willen.
Jaa ging des Vossen ontrouw ende gierigheid soo ver-
re, dat hy de vriendschap des ellendeien Boks versmaa-
dende, dig wende tot den Boere, wiend Wijngaard de
Bok verdorven had, ende hem beloofde, dien Bok te
wijsen ende leeveren, mits de Boer hem daar en teegen
beloofde de allerbeste Henne sijner werve. Het welk die
Boer ook plegtiglik beloofd hebbende, soo leide die Vos
den Boer tot die Put, alwaar die Boer, den Bok gedood
hebbende, hem te sijnen huise bragt, om sig daar mee-
de te spijsigen. Alwaar toen de Vos, als sijn bedongen
loon, vorderde de allerbeste Henne; ende des Boeren
Wijs haren manne in der stilte seide, dat hy aan Eeden,
eenen Booswigte gedaan, die ook seer trowlooselik sijnen
Vriend den Bok had verraaden, ende daar en booven
meenigmaalen eenige van hare Hoenderen had gestoolen,
ende daar door de dood wel dubbel veriend had, niet
was gehouden: Maar dat hy nu den Vos, terwijle hy de
Henne blijdelik verwagte, behoorde te dooden, om die
allerbeste Hen te behouden, ende sig met eenen voor al-
tijds te wreeken, ende te ontslaan van dien lossen Die-
ve. Welke raad des Wijfs den Boere seer wel behaagde;
op dat, terwijle hy sijn hoofd uitstak, om de Hen te aan-
vaarden, de Boer hem soo eene selle slag mogte geeven,
dat hy aanstonds in sijnen bloede smoorde, gelijk het
selven door haar ook alsoo uitgevoerd wierd.
Uitlegging der Woorden.
DE Bok, is een dom Mensch, die sig door sijne In-
stend laat verleiden.
De WYNGAARD, is een deugdsaam Mensch die door de
gemeenschap der dwaasen ende boosen altijds schaade lijd.
De VOS, is een schrander loos Mensch, die van sijne
lusten verleid werd.
DE BOER ende sijne WYF, zijn Menschen, die ten
deele uit wraak-ende ten deele uit geld-gierigheid, sig
niet ontsien, haar beloften ende eeden te breeken.
GElijk een Gebouw, dat op eener Rotse ofte op eenen onbe-
weegelijken gronde, vast in een gebouwd ende verbonden
werd, soo langen tijd bestendig is, als de Materialen van dien
duuren; Sulks het onderwijlen door geene storm-winden, stort-
reegens ofte waater-vloeden, om verre geworpen kan werden:
Ende dat daar en teegen een Gebouw, dat op Sande, Veene, ofte
op eenen anderen weeken gronde gebowd is, hoe vast he ook
mooge schijnen gebowd, ende wel aan een verbonden te zijn,
buiten alle verwagtinge der geenen, die den grond niet kennen,
ofte Waater-vloeden, seekerlik ter needer stort, schoon de ma-
terialen in sig selven goed, ende vast in een gebonden waaren: a
Alsoo gaat het ook met de Vriendschappen di ede Menschen on-
derlin maken;namelijk als sy die ten weedersijden bouwen op
goede Reeden, waarheid ende Billikheid, mitsgaaders op eene stand-
vaste wille ofte goede maximen ende gewoonte des leevens van sig te
draagen naar hare innerlike kennisse om het goeden te doen, en-
de het quaden te vermijden: Want als dan soo is de Liefde ofte
Vriendschap in sig selven onverbreeklik: om dat die gebouwd
werd op de VVet der Nature, welke God Almagtig soodanig allen
Menschen ingedrukt heeft, dat schoon genoomen Heemel en-
de Aarde mogte vergaan, deese Wet nogtans onder den Men-
schen bestendig blijven soude.b Ende derhalven soo konnen en-
de behooren die Liefden ende Vriendschappen gemaakt hebben,
selfs duuren; sonder dat eenige wellusten, ofte liefde tot wijven,
kinderen, ouderen, jaa selfs tot ons eigen leeven, die kan ver-
breeken. Ende is dit eigendlik de Liefde ofte Vriendschap, die
tussen Castor ende Pollux, Damon ende Pthias, Orestes ende Pylades,
was, van welken de Grieken getuigen, dat elk van die tween, voor
ende om den anderen te behouden, der Godinne Diana begeerde
opgeofferd te zijn. Gelijk meede de Hebreen gewaagen, dat ee-
ven soodaanige Liefde ende Vriendschap tussen Jonathan ende David
geweest is, ende dat die niet, dan met der dood, gebrooken
konde werden.
Ende in teegendeel soo konnen de Liefden ende Vrienschappen,
welke ten beiden ofte ook maar aan eene sijde gegrond zijn op
verkeerde oordeelen ofte onkonde, ende daar uit ontstaande eenige
in der haast voor by gaande Herts-togten, niet langer duuren, dan
tot dat beiden ofte een van tween, beetere kennisse van saken be-
komt, ende dat die drift daar door ophoud; ofte dat eene daar
teegen strijdende Passie, al ware het ook door eene andere dwa-
aardige Menschen nooit eene opregte ende langduurige Liefde
ofte Vriendschap kan zijn.
Gelijk de ondervinding ons dageliks leerd, dat Menschen, die
om meer vermaak in Eeten, Drinken, Byslaapen, ETc. te genieten,
Vriendschappen gemaakt hebben; Soo haast van die Wellusten niet
versaadigd, ofte van eene andere, daar teegen strijdende, inge-
noomen zijn, of dat die Vriendschappen eindigen, ja veranderen
in Vyandschappen. Ende insonderheid sien wy dit by de gee-
nen 1 die met bedaarde sinnen, ende buiten alle Herts-togten-zijn-
de, soodanig door Geld-ofte Heers-sugt oover-Heerst werden, dat,
wanneer sy in plaatse van haare be-oogde winsten, schaade; ofte in
steede van meer krat ende Amten der Regeeringe te bekoomen,
verlies van dien te verwagten hebben: sy ook als dan haar oordeel
soo qualik gebruiken, dat nog voorgaande Liefde, ofte genootene
Vriendschap, nog Beloften, nog Eeden, kraftig genoug zijn, om haar
binnen de paalen van haare voorgaande Vriendschap te houden. en-
de sien wy, dat in teegendeel die Geld-, ende ook boven allen de
Heerssugt, kragtig genoug is, om haar alle het gunt by den Men-
schen voor heilig ende deugdsaam gehouden behoord te werden,
als dan onbeschaamdelik te doen schenden.
Dus sien wy dageliks, dat domme Menschen, om een lekker beet-
jen of dronkjen te genieten, niet min als onse Bok door de soe-
tigheid der Wijnranken, sig laaten verleiden, om te verteeren
die Menschen, welke haar voor de dood bevrijd hebben, en-
de nog bevrijden souden willen, indien het in haar vermoogen
ware.
Dus sien wy dagelijks dat selfs seer schrandere Menschen, niet
min als de Vos, om eenig erf, dat haar naar reeden ende geboor-
te niet toe komt, door valse ofte gebeedelde, ende half afgedwon-
gene Uiterste Willen te konnen in het geheel beuren ofte deelen, ende
voor soo veele genieten, alle banden van Vriendschap, met welken
sy aan de wettige Erfgenaamen verbonden begaan, dat sy als
verbreeken, maar ook somtijds die wreedheeden begaan, dat sy als
dan dien onnooselen Testateur, ende haaren eigen Weldoener, of
haar leeven behouden mogten hebben, verraaden, ende vanm
kant helpen.
Dus sien wy daageliks, dat by naast de allerwijste Menschen
niet mit als de Boer ende Wijf, onse FABULE, door de
wraak-ende geld-gierigheid by een gevougd zijnde, sig seer ligte-
lik laaten verleiden, om Bond-breukig ende Mein-eediglik haa-
re Weldoeners te beschadigen, ende het zy natuurelik het sy po-
litikelik te dooden ofte te doen dooden; om der selven amten te
bekoomen.
Ende hoewel onse FABUL niet uidrukkelik van der heers-
sugt gewaagd, soo behoorden wy nogtans te weeten, dat die de
kraftigste van alle Passien is, ende dat sy de Menschen, die daar van
beseeten zijn, niet dan in den grave verlaat: Ende dat oover sulks
onder de Heers-sugtigen geene opregte bestendige Vriendschap kan
zijn: maar kennelik ism dat sy in teegendeel onder den schijn van
Liefde ende Vriendschap, geduurig daar op uit zijn, om , ter
haarer eigene verhooginge, den anderen te bedriegen ofte te oover-
weldigen. Gelijk wy daar beneevens behoorden te weeten, dat,
hoe die heers-sugtighooger stijgen, hoe des te meer Bedrog, Ge-
weld ende Wreedheid onder haar, ende onder de allermeest ge-
weesene Vrienden, in swange gaat.
Het welk met duisenden soo Griekse als Romeinse Historien beve-
stigd soude konnen werden: Maar sullen wy ons genougen, met aan
te wijsen het drie-manschap ofte Verbond van Vriendschap tussen Antonius,
Lepidus ende Augustus, om den Menschen indagtig te maken, hoe
onbeschaamd, mein-eedig, ende godlooselik, yder van dien het
grootste deel des bekenden Aardboodems, jaa hun eigen Vader-
land ende Huis-gooden, den vlammen; als ook hunne allerbeste
Vrienden, op soo goed weederom, aan den andere ten slagtban-
ke op die schrikkelijke dood-rolle oover-leeverde; op dat yder van
verdelgen, ende oover sijn aangeweesen deel des opgemel-
den Aardboodems, heerschen soude: In gevolge van het Vers-
ken;
De Huis-goon, en mijn Egte pand,
De vlammen oover en het vier.
Geen Kroon nog Scepter staat te dier.*
Ende hoedaanige vrugten die heers-sugt binnen de Vereenigde
Neederlanden, in de Jaaren 1618.1650.1672. ter ver-
breekinge van Vrienschappen, Eeden, ende alles wat voor bei-
lig behoorde gehouden te werden, heeft voortgebragt; sullen
wy voor deese maale onder de respective wetten van Amnestie, of-
te Mysterien van Staat ende Kerke, ten onsen Leedweesen, verbor-
gen laaten blijven.
Fugienda est amicitia, eorum animus incertus
et dubius est. Plutarch.
Niet dat soo naaw gewoogen diend,
Als keur te maaken van een Vriend.