$ TEXT_EXPL_XML
Ausonius seyt: Fortunam reve-
renter habe, dat is: als bovenghe-
schreven wordt met vryheydt ghetrans
lateert: want die soo luchtigh zijn have
avontuert, of hem de Fortuyne schul-
digh was te favoriseren, die doolt en sal
hem in armoedt vinden, ja met schulden
verachtert eer hy't waent: en die soo
achterkoussigh is, dat hy't geluck 'twelck
hem voorkomt ende de handt biedt,
gantsch niet en wil of derf aensoecken,
die sal zijn middelbare rijckdom met
hongher beten verteeren, dan die de For-
tuyne by maten met voorsicht kan ghe-
bruycken, op zijn hoede wesende, alsse
meest schijnt te lachen, die sal sonder
twyfel van haer gaven ghenieten, beson-
der soo hy met middelbaer gheluck te
vreden wil zijn, ende hem laten ghenoe-
ghen.